Ventilatie vermindert risico op virusoverdracht

 

Het RIVM heeft 28 juli 2020 een update gepubliceerd over ventilatie van ruimten in relatie met COVID-19. Weliswaar is volgens het Rijksinstituut nog niet duidelijk hoe het coronavirus zich (via aerosolen) door de lucht verspreidt, maar raadt wel aan om de risico’s daarop te verminderen. 

Het RIVM adviseert:

  • een ruimte dag en nacht te ventileren, door ramen op een kier te zetten, roosters open te houden, of door middel van mechanische ventilatie; 
  • meerdere keren per dag de ruimte te luchten, door ramen en deuren tegen elkaar open te zetten, gedurende 10 tot 15 minuten;
  • te ventileren volgens de eisen van het Bouwbesluit die gelden voor het gebouw of voor de gebruiksfunctie. 

Ventileren is het voortdurend verversen van lucht. De buitenlucht vervangt dan telkens een deel van de binnenlucht. Dat kan door middel van natuurlijke ventilatie (bijvoorbeeld ramen/deuren open zetten) en met een mechanisch ventilatiesysteem. Aanvoer van verse lucht is daarbij essentieel. De RIVM raadt het gebruik af van apparaten die alleen maar dezelfde lucht in dezelfde ruimte laten circuleren, zoals zwenkventilatoren, mobiele airco’s en daarmee vergelijkbare systemen. Luchtbehandelingssystemen die lucht (deels) vervangen door verse buitenlucht acht de RIVM wel bruikbaar. 

Door universiteiten en kennisinstituten wordt nog steeds onderzoek gedaan naar de verspreiding van aerosolen en/of de aerogene verspreiding van SARS-CoV-2 in een ruimte. Indien dit tot nieuwe inzichten leidt, zal de RIVM het beleid en de bijbehorende maatregelen aanpassen.