Aan de Oever van de Rotte – Huub Wooning

De voorzitter van gemengd koor ‘Aan de Oever van de Rotte’ wil ons gesprek graag filmen. Is hij bang dat dit artikel geen goede weergave zal worden van het besprokene? Nee, daar blijkt het niet om te gaan: “Wij maken iedere week een Nieuwsbrief en misschien zet ik daar ook wel een deel van dit interview in.” Waarmee meteen duidelijk wordt dat het bestuur er aan hecht om in deze tijden van Corona alle wel en wee met elkaar te delen. “Wij streven naar een onderling sterke band.”

Huub Wooning (74) kan zich niet herinneren hoe lang hij al voorzitter van gemengd koor ‘Aan de Oever van de Rotte is. “Is het 15 jaar?; ja dat moet haast wel.”

Zijn voorganger hield zich precies aan de statutair bepaalde 4 jaar, maar Wooning tilt daar niet zo zwaar aan. “Ik vind het een uitdaging. Nog steeds.” En blijkbaar vinden de leden het ook prima.

Het koor heeft door de jaren heen 40 tot 45 leden ‘en groter dan 45 willen we ook niet worden’, zegt Wooning.

Maar toch twijfelt hij een beetje. “Twee jaar geleden zijn we verhuisd naar een royale ruimte, dus er zouden meer leden bij kunnen. Willen we extra leden werven, dan vraagt dat visie. Daar zouden we dan eerst in het bestuur over van gedachten moeten wisselen.”

Voorlopig is hij heel tevreden dat iedereen lid blijft, want vanaf maart zingen de leden al niet meer samen.

Slechts één lid moest vanwege omstandigheden afzeggen.

‘Alle karakters voegen zich naar de muziek’

Wooning ziet zijn taak vooral als verbinder. “Ik sta als het ware een beetje boven de stof: ik stuur niet, maar ik spring bij waar spanning ontstaat, denk mee over moeilijke dingen, over onderlinge ongemakken. Mensen moeten zich kunnen uitspreken. Ik ambieer een goede en prettige manier van omgaan met elkaar.”

Voor Wooning is het koor vooral ook een genot om te aanschouwen: Een gemeleerd gezelschap met allerlei karakters en levenservaringen. “En al die karakters laten zich voegen naar de muziek die we oefenen. Ieder heeft zijn eigen verhaal, maar dat valt weg in het samen iets tot stand brengen en daarvan genieten.”

‘Geen moeilijk gedoe rond kaartjes verkopen’

‘Aan de Oever van de Rotte’ is een bijzonder koor, omdat het niet streeft naar uitvoeringen. In het begin werd de behoefte aan optredens gepeild. “Een deel vond uitvoeringen belangrijk, maar als we dat gaan doen is er commitment nodig van de hele groep. Het kan niet zo zijn dat je lekker gaat oefenen, maar wegblijft bij optredens. Regelmatig optreden vraagt bovendien een gedisciplineerde mate van repeteren.”

‘Aan de Oever van de Rotte’ beperkt de optredens tot 2 à 3 keer per jaar en dan vooral tot optredens met een grote sociale component, zoals optredens in bejaardentehuizen. “Lekker ongecompliceerd, geen moeilijk gedoe rond kaartjes verkopen en zo. Er is geen grote uitdaging tot het leveren van een topprestatie, het is eerder wijs met je tijd omgaan.”

‘Wij zijn gericht op hoe muziek ons plezier geeft’

Voorzitter Wooning is blij met de dirigent. “Hij is heel bekwaam. Hij arrangeert of past de muziek voor ons koor aan, van pop tot klassiek.”

De dirigent faciliteert en heeft geen invloed op de muziekkeuze, legt hij uit. Die keuze is aan de muziekcommissie. “De dirigent levert expertise, maar laat het koor zijn eigen koers varen. Hoewel”, bedenkt Wooning, “hij brengt wel nieuwe liedjes in en hij zet ons aan het werk, daagt ons uit.”

‘Aan de Oever van de Rotte’ onderscheidt zich van andere koren, vindt de voorzitter, en niet alleen in aantal uitvoeringen. “Wij zijn veel meer gericht op hoe muziek ons plezier geeft.”

Dat betekent niet dat de uitdaging anders is dan bij andere koren, verzekert hij. “Ook bij ons is het eerst gestuntel en denk je ‘dit is niks voor ons’, maar dan valt gaandeweg het kwartje en komt de rijkdom aan melodie met vier stemmen tot leven.

Ook bij ons is het eerst gestuntel en denk je ‘dit is niks voor ons’

Iedereen voelt op dat moment de bedoeling van wat de schrijver van het lied heeft bedacht, tot aan het emotionele toe. Zo worden we door de dirigent elke keer weer uitgedaagd het experiment aan te gaan.”

Het repertoire is op deze manier gegroeid tot 200 liedjes. Daar vallen er steeds een aantal van af en er komen weer nieuwe bij. “Nieuwe liedjes geven een boost; daar word je iedere keer weer vrolijk van.”

‘Goede taakverdeling in het bestuur’

Wooning prijst zichzelf gelukkig met een perfect bestuur van vijf leden. “Als dat niet zo was, zou ik geen voorzitter zijn geworden. Onze vergaderingen verlopen altijd plezierig. Er wordt altijd gezocht naar consensus. En zijn er eens onderlinge ongemakken dan worden die uitgepraat.”

Ieder bestuurslid levert zijn bijdrage. Samen maken ze een digitale krant (daarover later meer) die iedere woensdag om precies 20.00 uur op internet wordt gezet. De een redigeert de stukken, zet foto’s erin, beoordeelt teksten op betamelijkheid enz., de ander verzorgt plaatsing op internet, iemand begeleidt zoom-sessies, en er is natuurlijk de penningmeester. Daarnaast is er een commissie ‘Lief en Leed’, en een muziekcommissie.

“Al die dingen die een organisatie soepel laten functioneren zitten in ons koor. Met elkaar trekken we de kar, met elkaar bouwen we iets op en samen hebben we het leuk.”

‘Iedere week twee prachtige uren om naar toe te leven’

‘Aan de Oever van de Rotte’ repeteert in Bergschenhoek in een gebouw van de gemeente met een grote zaal en een kantine, bedoeld voor allerlei culturele activiteiten.

“Wij wilden het graag huren” zegt Wooning, “waarbij ik in het overleg met de gemeente heb benadrukt dat ons koor een belangrijke sociale rol heeft. Onze gemiddelde leeftijd is 70 jaar en wij geven ieder lid eens per week een paar prachtige uren om naartoe te leven. Zoiets mag de gemeente niet afkappen met een hoge huurprijs. Voor niets hoeft niet, maar er hoort benadering te zijn over waar het echt om gaat.”

‘Digitale krant houdt ons bij elkaar’

Door Corona kwam in maart vorig jaar een einde aan de wekelijkse repetitie-avonden. Om toch contact met de leden te houden bedacht het bestuur een digitale woensdagavondkrant. “Maar de grote vraag was: waar haal je kopij?”

Toevalligerwijs heeft Wooning al zijn hele leven plezier in het maken van films en foto’s en dat doet hij dan ook met overgave, ook in het koor. Met die hobby wil hij mensen laten zien zoals ze zijn.

Inmiddels heeft hij een schat aan beeldmateriaal opgebouwd, zonder er veel mee te doen.

Nu zoekt hij wekelijks mooie fragmenten uit voor de digitale woensdagavond. Om die beelden te beschermen staan ze op een afgeschermde pagina op YouTube, want er zijn ook heel persoonlijke fragmenten bij. Die beelden mogen buiten het koor om geen eigen leven gaan leiden en dus kunnen de leden daar alleen terecht via een link in de Nieuwsbrief.

Mede door die wekelijkse foto’s en filmfragmenten gebeurde er iets heel bijzonders: de leden begonnen zelf kopij in te sturen: over activiteiten en hobby’s, vakantieverhalen, puzzels, foto’s van leden als kind en dan kun je raden wie het is, ze sturen liedjes in, historisch materiaal, enzovoort.

“Dat geeft contact tussen de leden”, ziet de voorzitter tevreden. “Straks zijn we al een jaar niet meer bij elkaar, dat kun je als koor bijkans niet overleven. Dit helpt. Als we dit niet bedacht hadden, was het heel moeilijk geweest. Iedereen blijft de contributie betalen. Die contributie is met een derde verlaagd, want de vaste lasten gaan toch door, ook al heeft de dirigent een beetje ingeleverd en betalen we geen zaalhuur want die is gesloten.”

“We hebben laatst een keer gezoomd: heel grappig is dat, je weet langzaam maar zeker meer van elkaar, waardoor je vrijer wordt, respectvoller ook. Je leert elkaar kennen en je ziet elkaar door andere ogen. Nee, door Corona zijn we zeker niet los van elkaar geraakt.”