Strijps Kamerkoor – Manja Geijsel

Waar veel koren kampen met terugval in aantal leden – door vergrijzing of door angst voor Corona – weet het Strijps Kamerkoor de gemiddeld 25 leden op peil te houden. Na de zomervakantie gingen er bijvoorbeeld drie leden weg, maar kwamen ook weer drie bij: alle drie onder de 30. Daarmee is de gemiddelde leeftijd meteen gekelderd, lacht voorzitter Manja Geijsel. “De leeftijd van de koorleden loopt van 19 tot 70 en alles daar tussenin.”

Indirect leden werven
Actief leden werven doet het Strijps Kamerkoor niet. Dat gaat indirect, legt de voorzitter uit. “Wij richten ons op kwaliteit en we zijn naar buiten gericht. Iedereen kan zien dat je bij ons wat kan leren én onze optredens zijn meer dan alleen zingen. We hebben er vaak andere disciplines bij, zoals dans, fotografie, of we hebben er een filosoof bij, of een rapper.”
Ze bezoekt bovendien veel netwerkbijeenkomsten en ook dat werkt door naar de stabiliteit van het ledenaantal.

Netwerken levert altijd wat op
Sinds Geijsel (51) in 2015 voorzitter werd, heeft ze veel geïnvesteerd in het bijwonen van netwerkbijeenkomsten. “Je pikt er soms wat van op en je krijgt er veel contacten door.”

Die inspanningen betalen zich langzaam maar zeker uit. “Mensen zien dat je koor ondernemend is. Daardoor word je benaderd door andere organisaties met: ‘zou je iets kunnen doen met ons?’, maar ook levert het soms een nieuw lid op.”
Bij een van die netwerkbijeenkomsten hoorde ze dat de gemeente Eindhoven een project wilde starten om expats meer te betrekken bij het culturele leven. “Dat leek ons wel wat: expats die zingend met elkaar kennismaken.” Ze vroeg samen met de dirigent subsidie aan voor het opzetten van een expat-zangproject en werd op Facebook lid van allerlei expatgroepen, waar ze flyers van het project postte.

Extra project voor expats
Twee jaar geleden waren de eerste expats-bijeenkomsten van een uur, maar door de lockdown stopte het project al snel.
Afgelopen november kon het weer doorgaan. “We hielden het bij makkelijk zingbare liedjes en samenzang, met inzingoefeningen, hoe zingen werkt en feedback. We lieten mensen muziek ontdekken en ervaren.” Niet iedereen is gewend zich te laten horen, merkte de voorzitter. “Wil je zo’n groep body geven, dan moeten er een paar leden van het eigen koor bij die voluit zingen, zodat de deelnemers zien: wees niet bescheiden, laat je horen.”

Het expats-project was opgezet met het idee dat het doorstroming naar het koor zou geven. “Dat gebeurde ook wel een beetje, maar de meesten vonden het toch erg leuk om als expats onder elkaar te zijn. ”
Het project trekt expats van over de hele wereld. Vaak kunnen ze goed zingen, maar liever niet alleen. Of, zoals de Rus Mischa in het Eindhovens Dagblad zegt, “Zingen wordt pas mooi als je het samen doet.’’ Of het Strijpse expatskoor een vervolg krijgt is mede aan de deelnemers zelf.

Bestuursfuncties niet geliefd
Waar het op peil houden van het ledenbestand geen enkel probleem vormt, is de invulling van bestuursfuncties een stuk lastiger. Mensen hebben het al druk genoeg en willen daar geen bestuursfunctie bij, weet de voorzitter. “Wel willen ze in commissies zitten. Ze zijn heel erg bereid taken uit te voeren, maar vergaderen over de lange termijn, nee. Daar komen mensen niet voor; ze willen lekker zingen.” En dus komt er veel op het bordje van de voorzitter, maar ze vindt het leuk om te doen. “En het is ook leuk dat we er met z’n allen de vruchten van plukken.”

Heidag voor solide basis
Is er een bestuurswisseling dan wordt er altijd een ‘heidag’ gehouden. Net voor de Corona-uitbraak kwamen er twee nieuwe bestuursleden, maar die heidag is er nog niet van gekomen. Dat gebeurt binnenkort, hoopt Geijsel. “Dan kunnen we praten over zaken als de koers die het koor moet gaan, over wat je van elkaar mag verwachten, wat iedereen kan en wil en wat de gezamenlijke rol is. Je wilt werken vanuit een solide basis waarop iedereen wil vertrekken.”

Contact op allerlei manieren
Corona maakt het bepalen van een koers lastig, ervaart Geijsel: “Na anderhalf jaar niet gezongen te hebben zegt de een ‘ik kom weer als ik zeker weet dat alles oké is’, terwijl de ander erbij komt zodra dat maar enigszins kan.” Voor een goed contact zijn er allerlei activiteiten opgezet, vooral digitale. Zo is er een doorgeefblog, waarbij iemand een blog schrijft en daarna de pen doorgeeft aan de volgende, enz. Er is een digitale borrel, er is een wandeling en in een artikelreeks ‘wat maak je me nu’ over wat iemand creëert, komt van alles voorbij.

Met Kerst werd – ondanks een verbod daarop – toch opgetreden, door niet samen, maar steeds een aantal leden na elkaar te laten zingen. Er was geen publiek bij, maar er werd een filmpje van gemaakt dat je via een link kan bekijken en het werd gekoppeld aan een goed doel.

Bonte avond om naar uit te kijken
Eens per jaar heeft het koor een weekend samen, met een bonte avond waar iedereen naar uitkijkt. Daar treedt ieder voor elkaar op. “Niemand weet van elkaar wat ze gaan doen. De meest mooie en maffe dingen komen voorbij. Dat zijn heerlijke avonden. Je hebt al lol van het voorbereiden.”

In dat weekend samen wordt ook gerepeteerd, zoals laatst voor het komende kerstconcert. “Voor mensen die het heel spannend vinden, spreken we af niet te dicht bij elkaar te komen. Dat betekent derhalve een kaal programma: niet samen koken maar een lunchpakketje mee en dergelijke.”

Corona vereist veerkracht
Op 4 november had het Strijps Kamerkoor het eerste concert van dit jaar in een kerkje. “Dat voelde knus en fijn: je kon elkaar goed horen en dat wil je vaker. Op afstand van elkaar zingen is toch wat jammer.” Jammer is ook dat iedere keer aanpassen aan nieuwe coronaregels veel energie kost: “Het is hard werken voor weinig lol. Je moet steeds kijken, wat kan wel en wat kan niet en hoe hou je iedereen betrokken.” “Dat geldt ook voor een concert: Ontbreekt een aantal leden van een bepaalde stemsoort, dan moet je je bij ieder lied afvragen of je dat wel kunt zingen.”

Geijsel is heel trots op hoe dit soort vraagstukken samen met de leden wordt opgelost. “Belangrijk is dat je bepaalde keuzes goed communiceert, je moet ze bespreekbaar maken. Ieder persoonlijk geluid nemen we serieus.”